zondag 9 mei 2010

De intensivisten

Ik weet niet wat het is om je beste vrienden te verliezen. Ik hoop het ook nooit mee te maken. En dan nog bij een ongeluk, een auto-ongeluk, nog zoiets. Je kunt je er voorstellingen van maken, om je erop voor te bereiden. Zo dacht ik, maar eigenlijk weet ik ook wel dat gedachten hier tekort schieten, dat gedachten de prullenmand in kunnen zodra het om deze ervaringen gaat. Toch was het ook een van de redenen om afgelopen donderdag naar de boekpresentatie van Intensive Care te gaan, die tevens de opening van de bijbehorende tentoonstelling was. Vrouwkje Tuinman en Andrea Stultiëns maakten het dus wel mee. Zij maakten er een prachtig boek van, waarvan het eerste exemplaar werd uitgereikt aan een verpleegkundige van de gelijknamige afdeling.
Terwijl ik naar de foto’s keek, vroeg ik me af hoe je met een camera in de hand kunt vastleggen waar je middenin leeft, al met de ogenschijnlijke distantie van de artistieke blik. Toen ik naderhand de gedichten hoorde en ’s avonds de teksten kon lezen, begreep ik echter dat de makers eenvoudigweg volkomen zichzelf waren geweest, en met alle rampspoed hadden geleefd zoals ze waarschijnlijk ook met alle vreugde leefden. Gelaagde, intensieve beleving; leven als een maker, dichteres of fotografe. Dat herkende ik, en vele aanwezigen met mij. De intensivisten.
Misschien maakt Intensive Care geen einde aan het verdriet en het verlies, het kreeg donderdag wel tastbare vorm, de vorm van iets nieuws, iets moois. Er was iets van gemaakt en we konden zien dat het goed was.