zaterdag 22 mei 2010

Hij...weg.

Donderdagavond organiseerde het Centrum Beeldende Kunst Utrecht een avond over de rol van tekst in het werk van een aantal beeldend kunstenaars en ontwerpers. Om de een of andere reden stond ik volledig open voor de (heilige) geest, en liet mij tot het voorportaal van de gekte toe inspireren. Waarvan akte.
Een van de ontwerpers die haar werk presenteerde was Brigiet van den Berg. Zij vertelde over haar project En zij leefden nog lang en gelukkig., een driedelig compendium met de laatste zinnen van boeken. Het was eigenlijk en vooral totstandgekomen omdat zij gefascineerd was door de witruimte na de laatste woorden van een boek. Ze had zich op de Nederlandse boeken in de openbare bibliotheek gestort, had steeds het omslag en de laatste pagina zorgvuldig gefotografeerd, de slotzin gedocumenteerd en de positie ervan op de laatste bladzijde precies uitgemeten. Aldus had zij de gegevens van 1.558 boeken geordend, om vervolgens een werkelijk prachtig driedelig verzamelwerk samen te stellen, waarin iedere slotzin het paginanummer en de plek op de bladzijde kreeg die het in het oorspronkelijke boek ook had. De index van zinnen (eerste en laatste woord), bladzijdenummer, bijbehorende auteursnaam en titel van het boek, was ook al even fijn als nutteloos. In de tussentijd was Brigiet een soort expert geworden in slotzinnen. Ze kon vaststellen dat zo ongeveer de helft van de boeken een open einde had en/of besloot met een nietszeggende handeling. Veel voorkomend was ook het wegrijden, weglopen of verdwijnen van personages in de laatste woorden van een boek. Ik begon me af te vragen wie je dit werk nu het beste cadeau kon doen, en vooral: wanneer.
G. vroeg me of ik mijn eigen slotzinnen nog uit mijn hoofd wist, en ik moest bekennen van niet. Dus bladerde ik naderhand met handschoenen door dit prachtige idee dat werkelijkheid gemaakt was, en ging op zoek naar mezelf.