Je kunt natuurlijk tegen het einde van je leven een besluit nemen over je laatste rustplaats, en daarmee een voorschot nemen op je levensverhaal. Dat was de gedachte die me bekroop toen we Highgate Cemetery betraden, na een mooie wandeling tussen kale bomen en kraaiengekras op de vers ontdooide Hampstead Heath. Zoals de meeste bezoekers van deze, door struiken overwoekerde en door boomwortels ontwrichte necropolis van groen uitgeslagen kalkstenen, waren we op weg naar het graf van Karl Marx.

Ik stond bij zijn graf en keek vervolgens naar de stenen om hem heen. Naast het pompeuze monument lagen talloze geestverwanten begraven, die zichzelf aanduidden als ‘revolutionair’ of ‘kameraad’ en voormannen en -vrouwen van het socialisme waren geweest, van Zuid-Afrika tot Irak tot de Verenigde Staten van Amerika. Ze hadden hun laatste rustplaats in de nabijheid van hun held gezocht, in alle ‘bescheidenheid’ en daarmee een laatste poging tot het verwerven van een bepaalde status ondernomen. Waardoor ze nu voorgoed in de schaduw lagen van hun held.